Zelzate@rem

Nieuwsbrief van en over Zelzate - n° 1.05 - 5 april 2001

ver. uitg.  Martin Acke - Leegstraat 156A - 9060 Zelzate - 09/345 53 36

 

bullet

Stedenbouwkundige vergunning voor Zelzaatse windturbine geweigerd

De gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar heeft op 27 maart 2001 de aanvraag tot het oprichten van een windturbine door de VEM op de terreinen van Jan De Nul in Zelzate geweigerd. De eerder afgeleverde milieuvergunning komt hiermee te vervallen. 
 
Met deze beslissing halen de tegenstanders hun slag thuis en wordt Zelzate behoed voor een miskleun die de leefkwaliteit in en om onze gemeente nog maar eens negatief zou beïnvloeden. Het is dan ook onbegrijpelijk dat burgemeester Schenkels, voorzitter van de VEM, de belangen van ‘zijn’ intercommunale laat primeren op het welzijn van ‘zijn’ inwoners. 
 
CVP-fractieleider Martin Acke uitte reeds in de Zelzaatse gemeenteraad van 28 november van vorig jaar zware kritiek tegen de oprichting van een solitaire windturbine door VEM / IVEG in het noorden van Zelzate. Hij sprak zich duidelijk uit vóór milieuvriendelijke windenergie, maar stelde een alleenstaande turbine in de directe nabijheid van het natuurreservaat Canisvliet sterk in twijfel. Hij pleitte daarentegen voor deelname aan het project Westenwind, dat een vijftigtal windturbines in de industriële omgeving van de Gentse Kanaalzone vooropstelt. De gemeente Zelzate hoeft dus op dit vlak geenszins haar verantwoordelijkheid te ontlopen. 
 
Zie verslag gemeenteraad 28-11-2000  
 
Zie Project Westenwind
 
Tegen de bouwaanvraag werden uiteindelijk vijf bezwaarschriften ingediend, waarvan één vroegtijdig en twee laattijdige (en om die reden door het Zelzaatse Schepencollege onontvankelijk verklaard).  Samen met tal van adviezen van overheidsdiensten van beide zijden van de grens vormen deze bezwaarschriften de basis voor het uiteindelijke advies van stedenbouw.

Miskenning van de openbaarheid bij de procedure

Een bezwaarschrift van CVP-fractieleider Martin Acke behoorde bij de tijdig ingediende bezwaren en maakte naast de verder aangehaalde inhoudelijke bezwaren ook melding van de miskenning van de openbaarheid bij de procedure op drie punten:
bullet- het advies van het schepencollege kwam tot stand voor de procedure van openbaarmaking was gestart
bullet- de procedure van openbaarmaking werd laattijdig gevoerd.
bullet- de procedure werd onvolledig gevoerd, zo werd het biljet niet aangeplakt op de plaats waar het betrokken goed aan de openbare weg paalt. 
De gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar stelt in zijn beslissing dat het duidelijk is dat de procedure niet zoals voorgeschreven is verlopen, en dat derhalve alle ingediende bezwaarschriften ontvankelijk moeten worden verklaard.  
 

Verenigbaar met de bestemmingsplannen op de smalste basis

De omzendbrief met de afwegingsvoorwaarden voor inplanting van windturbines van de Vlaamse regering stelt dat de gebieden voor ambachtelijke bedrijven en voor kleine en middelgrote ondernemingen in principe wel in aanmerking komen voor windturbines. Het project kan op de terreinen van Jan De Nul dus wel als conform met de bestemming worden beschouwd. Hier dient wel aan toegevoegd te worden dat de omzendbrief voorschrijft dat de locaties voor individuele windturbines (of clusters tot 3 windturbines) zouden worden bepaald in het gemeentelijke ruimtelijke structuurplanningsproces en vastgelegd worden in gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (die in Zelzate nog niet bestaan). In afwachting van deze plannen en het Windplan Vlaanderen kan in een aantal specifieke gevallen de inplanting van windturbines in overweging genomen worden.  

Het inhoudelijke van de vijf bezwaarschriften laat zich samenvatten als volgt:

1. Het project bedreigt de in het gebied aanwezige natuurwaarden

De bedoelde KMO-zone is in hoofdzaak omgeven door natuurgebied met daarnaast stroken woongebied en parkgebied. Over de grens overheersen de zachte bestemmingen landbouw en natuur. De milieunota die de aanvrager op verzoek heeft voorgelegd, stelt dat de afstandsregels worden gerespecteerd, maar duidt tegelijk ook aan dat de grensdijk eveneens ‘groen’ is ingekleurd, en neemt aan dat de broedvogels zich zullen ophouden in het grotere Nederlandse natuurgebied op 600 m, maar dit ligt binnen de vooropgestelde marge van 500 tot 700 m die door de Vlaamse regering  als afstandregel wordt gehanteerd. Hetzelfde geldt met betrekking tot het natuurgebied volgens het gewestplan op Belgische bodem. Blijkens het bezwaarschrift van de v.z.w. Natuurreservaten vormt het dijkgebied op de grens, dus vlakbij de windturbine, de broedplaats van tientallen steltkluten, een in ons land bedreigde vogelsoort. De windturbine zou bovendien veel dichterbij het kanaal Gent-Terneuzen worden ingeplant dan het Instituut voor Natuurbehoud wenselijk acht. Zo stelt dit orgaan dat de kanaalzone zeer rijk is aan vogels. Het gaat om één van de belangrijkste overwinteringsgebieden voor watervogels in Vlaanderen, zeker in strenge winters. Voor bepaalde soorten is het gebied zelfs van internationaal belang. Aangaande het eerste bezwaar kan dus gesteld worden dat er wel degelijk redenen zijn om aan te nemen dat het project inderdaad een bedreiging voor de aanwezige natuurwaarden zou kunnen vormen.

2. Het project bedreigt de in het gebied aanwezige recreatiewaarden

De milieunota van de VEM stelt dat er aanpalend noch op Belgisch noch op Nederlands grondgebied recreatiegebieden zijn. Dit is aantoonbaar onjuist, gelet op de vergunning voor de aanleg van een jachthaven op Belgisch grondgebied en de adviezen van Nederlandse zijde. Zo stelt de de Zeeuwse Milieufederatie  ondermeer dat de Canisvliet een belangrijk natuurgebied is met recreatief medegebruik, waar recentelijk veel inspanning is geleverd om de natuurwaarden, de landschaps- en de belevingswaarde te vergroten. Het tweede bezwaar is dus gegrond.

3. Het project bedreigt de cultuurhistorische waarden van het gebied

Ten aanzien van het derde geformuleerde bezwaar, de vernietiging van het cultureel-historisch bodemarchief (de restanten van het Spaanse Sint-Antoniusfort uit de Tachtigjarige oorlog) geldt enige twijfel, gelet op het feit dat het Instituut voor het Archeologisch patrimonium te kennen gaf geen bezwaar te hebben. Nochtans werd in het bezwaarschrift van Martin Acke de ligging van deze site duidelijk gesitueerd op de geplande bouwplaats van de windturbine.

4. Het project getuigt van een weinig optimale locatiekeuze

De aanvraag betreft het oprichten van een windturbine met een totale hoogte begrepen tussen 112,5 en 127,5 meter, waarbij de visuele impact nog wordt vergroot door een meestal draaiende rotor. Daardoor blijft de invloed, vooral op visueel vlak, niet beperkt tot de onmiddellijke omgeving, die volgens het gewestplan als ‘industrieel’ kan worden omschreven. Dit feit wordt niet gematigd door enige vorm van clustering met andere windturbines, zoals in de adviezen wordt aangehaald. Het is ook niet mogelijk de windturbine op enige manier te ‘bufferen’. Het vierde bezwaar is dus gegrond.  
 

Nog enkele andere afwegingen

Ook over het aspect lawaaihinder heerst er twijfel: de milieunota meent dat het geproduceerde geluid verloren gaat in het omgevingsgeluid van het bedrijf VFT, terwijl één indiener van een bezwaarschrift integendeel van oordeel is dat de hinder cumulatief is (en de locatiekeuze mede om die reden onverantwoord is).
De milieunota van de aanvrager stelt dat de impact op landbouw en op industrie verwaarloosbaar is, en deze stelling wordt niet door de uitgebrachte adviezen gecontesteerd. De stelling dat er ook geen verstoring op radarsignalen en telecommunicatiesystemen optreedt wordt door de uitgebrachte adviezen bevestigd.  
  

Eindbeoordeling  

Het openbaar onderzoek werd niet gevoerd op de voorgeschreven wijze.
Het project is verenigbaar met de planologische bestemming op de smalste basis.
Er zijn minstens ernstige twijfels betreffende de verenigbaarheid met de ‘goede plaatselijke aanleg’.
In dit geval lijkt het dan ook aangewezen de aanbeveling van de omzendbrief te volgen, om de inplanting van windturbines (en zeker alleenstaande windturbines) in het gemeentelijke structuurplanningsproces te onderzoeken. Het verlenen van de vergunning voor deze aanvraag zou immers een ernstige hypotheek kunnen leggen op de mogelijke ontwikkeling van in het gebied aanwezige waarden op vlak van natuur en recreatie, en komt aldus in conflict met artikel 4 van het decreet houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening van 18 mei 1999.  
 
Het geciteerde artikel legt de nadruk op een duurzame ruimtelijke ontwikkeling, waarbij de ruimte beheerd wordt door de huidige generatie, zonder dat de behoeften van de komende generaties in het gedrang gebracht worden. 
 

 

Meer gegevens over al deze onderwerpen en nog vele andere wetenswaardigheden over uw gemeente Zelzate
kan u terug vinden op       
Martin Acke's Website.

 

De nieuwsbrief Zelzate@rem (lees ad rem = gevat - snedig - ter zake) van en over Zelzate wordt gratis via e-mail toegestuurd aan elke geïnteresseerde Zelzatenaar. Ik hoop dat u ervan genoten hebt. Mocht u deze in de toekomst echter niet meer wensen te ontvangen, stuur dan een e-mailtje naar onderstaand adres met de vraag om u te schrappen uit het bestand.

Indien u anderzijds personen kent die mogelijks interesse hebben voor deze nieuwsbrief, stuur hem dan gerust door. Wenst die persoon zich gratis te abonneren dan kan hij zichzelf aanmelden via een e-mailtje. Een persoonlijk e-mail-adres wordt door ons aan niemand bekendgemaakt of doorgegeven!

Ook nieuwtjes, commentaren of suggesties kunt u steeds kwijt bij martin@acke.info

Uw persoonlijke gegevens worden door ons strikt vertrouwelijk behandeld in overeenstemming met de Wet van 8 december 1992
op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. U heeft steeds recht op inzage en correctie.