De watertoren te Zelzate

Opgericht in 1952 - Ontwerper: architect Georges BONTINCK.

Gezien de kleine weerstand van de grond waarop de toren werd opgericht en na een grondig bodemonderzoek werd een systeem van fundering voorzien, samengesteld uit een reeks betonnen pijlers volgens een bepaald schema in de grond gedreven.  In totaal zijn er tweeëndertig stuks met een gemiddelde lengte van negen meter en elk met een draagvermogen van 80 Ton.

De pijlerkoppen zijn onderling verbonden met een raster bestaande uit gewapend betonbalken waarop dan de volledige constructie rust.

Deze constructie bestaat in hoofdzaak uit twee delen, namelijk de eigenlijke kuip met een inhoud van 500 m3, rustend op vier zware pijlers onderling verbonden met de nodige dwarsbalken en voorzien van een werkvloer op een viertal meter onder de kuip, alles volledig uitgevoerd in gewapend beton, en de cilindervormige bakstenen omkleding, afgedekt met een plat kegelvormig dak.

De diameter onderaan de toren bedraagt 15,20 m en bovenaan 13,30 m.  De totale hoogte beloopt 47 m.

Binnenin de toren leidt een comfortabele trap in metaal via zeven bordessen naar de werkvloer onder de kuip en vanaf deze verdieping leidt een trap tussen kuipwand en buitenwand van de toren naar de vloer boven de kuip.

Deze ruimte is rondom van één doorlopend raam voorzien en geeft toegang tot de cirkelvormige rondgang die gelegen is order de uitspringende kroonlijst.  De rondgang bevindt zich op 35 m boven de begane grond en biedt een énig uitzicht op de omgeving.

De vloer boven de kuip werd aangebracht uit hygiënisch oogpunt en dient als deksel van het waterreservoir, zodat het water volledig gevrijwaard blijft van allerhande insecten die zich anders bij voorkeur op deze plaats ophouden.

Om enigszins een idee te hebben van de omvang van dit gebouw, weze gezegd dat van de betonconstructie, de funderingspijlers niet meegeteld, een hoeveelheid van 460 m3 beton werd verbruikt en van de buitenwand een hoeveelheid metselwerk van 450 m3.

De regeling van de watertoevoer vanuit Gent naar de kuip van deze watertoren gebeurt automatisch. Kwikmanometers met tientallen contacten meten de waterhoogte in de kuip. Bij te lage waterstand in deze laatste wordt een schuifafsluiter welke op de watertoevoerleiding geplaatst is, elektrisch geopend waardoor meer water in de kuip stroomt. Wanneer de waterstand in de kuip hierdoor stijgt en wanneer deze op een bepaalde hoogte komt, sluit voornoemde elektrisch gedreven afsluiten de watertoevoer automatisch af.

Op deze wijze wordt de waterhoogte in de kuip van de watertoren schommelend gehouden tussen een bepaalde laagste en een bepaalde hoogste stand.

Daar voornoemde installatie volledig automatisch werkt en afhankelijk is van de elektrische stroom, is het noodzakelijk gebleken zekere veiligheidsdispositieven aan te brengen

1. De hoogte van het water in de kuip van de toren wordt door een automatische kortegolfzender naar de waterdienst van Gent overgeseind en dit alle twee uren. 

2. Een kortegolf alarmzender werkende op batterijen kan een alarmsignaal zenden naar de waterdienst van Gent in volgende alarmtoestanden :

a. wanneer het water in de kuip zou overlopen;
b. wanneer de kuip zou leegkomen;
c. in geval de elektrische stroom geleverd door de "Centrales Electriques des Flandres et du Brabant" zou ontbreken.

Dergelijke installatie bestaat ons dunkens in Europa nog niet en Zelzate kan er prat op gaan één der modernste watertorens van het continent te bezitten.

Medewerkers:

Raadgevend Ingenieur: De Heer Felix Riessauw.
Waterdienst der Stad Gent : De Heer Laurent Coune, Hoofdingenieur-Directeur.
                                          De Heer Robert Despiegelaere, Inspecteur-Directeur.
Algemene aannemer: De Heer Leon De Bruyne.

Auteur: Roger Poppe – voorjaar 1967

Bron: Sint-Laurensklok Jg. 39 N° 3, tijdschrift van de oud-leerlingen van Sint-Laurens.